Archief voor Categorie Regelgeving

FirePro brandbeveiliging voor motorjacht Xanthiona

Eindelijk, na jaren is de motorruimte van ons motorjacht Xanthiona nu beveiligd tegen brand. Dit had uiteraard vanaf het begin gemoeten, maar andere prioritieiten, de kosten en niet wetend met welk systeem leiden tot uitstel. Diverse systemen zijn de revue gepasseerd, o.a.:

Voorbeed van aerosol blusunit Stat-X

Stat-X van Protec of AF-X, een aerosol blusmiddel
Rola marinefire met FM200 blusmiddel
PAFSS van Kling brandbeveiliging, een pneumatisch ontsteking met diverse blusmiddelen
-traditionele brandblussers met of zonder zelfontsteker
FirePro, een aerosol blusmiddel (voor werking van aerosol systeem klik op link)

Voorbeeld van FirePro aerosol blusmiddel

De CE verwijst naar ISO 9094-2 2002 Fire protection voor kleine schepen van 12-24 meter, die inmiddels al weer vervangen is door ISO 9094:2015 Fire protection voor kleine schepen tot 24 meter. Volgens de ISO moet een jacht met een motor groter vermogen dan 120 kW voorzien zijn van een permanent geinstalleerde brandblusinstallatie.

Deze permanente blusinstallatie mag manueel bediend worden of automatisch ontsteken. Bij manuele bediening moet de blusinstallatie geactiveerd kunnen worden vanaf de (hoofd-)stuurstand en als afstand tussen stuurstand en motoruimte ingang groter is dan 5 meter, dan ook manueel bediend vanaf motorruimte ingang. Een automatisch blussysteem moet een indicatie hebben dat het systeem geactiveerd is.

FPX 103C, het intelligente hart van het automatisch brandblussyteem

Bij de Xanthiona heb ik gekozen voor een automatisch brandblussysteem voor de motorruimte, omdat ik de motorruimte ook beveiligd wil hebben als we niet aan boord zijn. De motorruimte is namelijk meer een technische ruimte, met daarin o.a. veel elektra en electronica, enkele elektrische apparaten (hydrofoor, lader/omvormer en dekwaspomp), de centrale verwarming en in de toekomst een generator.  Alles is uiteraard volgens de voorschriften aangesloten en beveiligd, maar om elk risico uit te sluiten, ook als we er niet zijn, is een automatisch systeem beter.

Uiteindelijk heb ik gekozen voor het aerosol blussysteem van FirePro, geleverd door IGVAB. Bij een aerosol blussyteem zit in de blusunit een zeer compacte chemische vaste stof. Bij activering zal de vaste stof zich omzetten in een ultrafijne aerosol blusstof. Voor de verdere uitleg en werking van een aerosol systeem, zie vooral de FAQ.  FirePro vind ik voor wat betreft de techniek, de blus kwaliteit, de mogelijkheden en prijstechnisch het meest gunstig.

FirePro FP2000, 100 mg per m3, genoeg voor de motorruimte van de Xanthiona

De installatie is deels zelf geinstalleerd en gecontroleerd en gecertificeerd door Westveer Multi-techniek. Het systeem bestaat uit een de FPX103C controle unit en een FP2000 blusunit. De controle unit is gemonteerd naast de ingang van de motorruimte en heeft de mogelijkheid om ook manueel te worden bediend.

3 mogelijke brandhaarden, rechts electronica/elektra, midden motor, links CV/genarator

In de motor/technische ruimte voorzie ik drie mogelijke brandhaarden, dat zijn aan de (op de foto) rechterzijde met veel electronica en elektra, de motor in het midden en aan de linkerzijde de CV en de toekomstige generator. Daarom heb ik gekozen voor de detectie van een mogelijke brand met Linear Heat Detection Cable, een hitte detectie kabel, die aan het plafond gemonteerd is boven de drie mogelijke brandhaarden. Bij brand zal de hitte een kortsluiting veroorzaken in de kabel, die via het controle paneel de FP2000 aersol blusunit zal ontsteken.

FPX 103C controle unit en externe sirene naast ingang motorruimte

Om de aanwezigen aan boord te waarschuwen is een externe sirene gemonteerd. Na branddetectie gaat de sirene af en zal na 10 seconden de FP2000 blusunit worden geactiveerd. De 10 seconden is instelbaar tot 30 seconden. De FPX 103C heeft de mogelijkheid om binnen de ingestelde vertragingstijd eventueel de motor uit te zetten en de motorruimte ventilatie uit te zetten. De motorruimte ventilator moet ik nog monteren en zal zeker op de FPX 103C worden aangesloten. In de motoruimte is eveneens een brandmelder gemonteerd die is aangesloten op een alarmsysteem dat via SMS en telefoon een aantal personen waarschuwt. Een beweegbare camera die vanaf de stuurpositie op de flying bridge is te bedienen, wordt in de nabije toekomst ook nog gemonteerd in de motorruimte.

Een reactie plaatsen

motorjacht Xanthiona gespot tijdens cursus Rijnsportpatent

Ons motorjacht Xanthiona is gespot in Oberwinter. Door de eigenaar zelf tijdens het 1e deel van een 12 daagse cursus voor het behalen van het Rijnsportpatent. Het Rijnsportpatent is noodzakelijk als je met een jacht langer dan 15 meter op de Rijn wilt varen. Dat was ook de reden dat ik voor het brengen van de Xanthiona naar Oberwinter een schipper met de juiste papieren in moest huren.

de Xanthiona gespot tijdens cursus Rijnsportpatent

De cursus wordt verzorgd door de Stichting voor Actieve Watersporters via 4 3-daagse weekenden. Er wordt gevaren met het luxe passagiersschip MPS Allegro en afwisselend met 2 groepen wordt er theorie gegeven over het varen op de Rijn en de cursisten mogen om beurten het 105 meter lange schip besturen. Er moet voor het verkrijgen van het Sportpatent o.a. worden aangetoond dat de cursist 4 maal het traject onder begeleiding van een erkend opleidingsorgaan heeft gevaren.

Uitgebreide kennis over alle plaatsen, alle bruggen, alle zijrivieren en alle bijzonderheden van de vaarweg zijn onderdeel van het examen. Ook het Rijnvaart Politie Reglement (RPR) komt ruim aan bod, net als kennis over waterstanden, verval, stroomsnelheden, kribben, neren, wervels, gronden, oorden, wet van Bernouilli (?), het Coriolisverschijnsel (?), etc. Het lijkt een gedegen opleiding na de ervaring van het eerste lange weekend aan boord van het passagiersschip MPS Allegro.

Geleende foto van MPS Allegro

 

Het sportpatent kan voor 3 gedeelten worden behaald. Het 1e deel loopt van de Nederlandse grens tot Koblenz, het 2de deel van Koblenz tot Mainz en de 3de loopt van Mainz tot Ifferzheim. Meer informatie is te vinden op www.vaarschoolsaw.nl. Mijn intentie is om voorlopig alleen het 1e deel te halen. De komende 3 zomers kan ik dan met de Xanthiona van Oberwinter naar Koblenz varen en daar de Moezel op om lekker vakantie te houden. En ik kan dan over 2.5 jaar de Xanthiona zelfstandig terugvaren naar Nederland.

Soms even goed uitkijken vanwege de drukte

 

In Konigswinter werd er even 'bijgetankt' (zie man op brug)

1 reactie

Meer regelgeving: even schrikken

Het internet is een enorme bron aan informatie, ook op het gebied van diverse regelgeving. Zo zit ik op een avond weer eens te surfen en stuit op de Europese richtlijn Binnenvaart. Deze is nationaal doorvertaald naar de Binnenvaartwet. De desbetreffende site heeft diverse verwijzingen naar deze wet, dan blijkt er ook nog een Binnenvaartbesluit en een Binnenvaartregeling te zijn. De site beweert dat de Europese richtlijn van toepassing is op Pleziervaartuigen.

Ik lees e.e.a. door en er staan toch weer best wel wat technische eisen in deze richtlijn waar ons motorjacht Xanthiona dan ook aan zou moeten voldoen. Zo moet er een Certificaat van Onderzoek komen die door een erkend onderzoeksbureau moet worden uitgevoerd, er moet een waterdicht schot zijn aangebracht, allerlei vaareigenschappen worden genoemd, er zou een aflsluitkraan voor de brandstoftanks aan dek moeten zijn (?) en nog wat meer van dit soort zaken.

Vreemd, ik kon me niet voorstellen dat de Xanthiona en aan de CE-eisen moet voldoen en aan de Europese richtlijn. De dag erop bespreek ik dit met mijn motorbootvarende collega, die hier ook al eens naar had gekeken. Bij nadere bestudering blijkt dat de Europese richtlijn binnenvaart alleen van toespassing is op pleziervaartuigen waarvan de lengte x breedte x diepgang, groter is dan 100 m3. Bij de aanwijzingen staat dat de diepgang wordt gemeten tot aan de bodembeplating en niet inclusief de kiel. Even snel rekenen: 16.00 x 5.47 x 1.0 = 87.5. Phoei, daar kom ik goed weg, net onder de grens van 100 m3. Mijn collega had dezelfde situatie een aantal jaren geleden, zijn schip van 18.5 mtr bleek met de rekenformule er ook net onder te zitten. Voor de Xanthiona betekent het dat dus alleen de CE eisen van toepassing zijn.

Voor de nieuwsgierigen de volledige Europese richtlijn binnenvaart: Europese richtlijn binnenvaart nederlands definitief . Samenvatting van de Technische eisen pleziervaartuigen europese richtlijn (voor boven de 100 M3)

Een reactie plaatsen

Onverwachte regelgeving

Veel tijd gaat er zitten in allerlei voorbereidingen voor de aanstaande bouw van de Almarine 1700. Zo was ik een ontwerp aan het maken voor het 24 V en 230 V systeem en stuitte op de ISO standaarden ISO 10133 (12/24 V) en  ISO 13297 (230 V) . Daar heb ik toch weer aardig van geleerd en mijn schema’s aangepast.

Minder vrolijk werd ik een week later toen ik er achter kwam dat er een complete Europese regelgeving is voor de bouw van zogenaamde ‘small craft’ (kleiner dan 24 meter), de Recreational Craft Directive (RCD) 1994. Een hele set aan directives is beschikbaar, gelukkig hoef je als je een jacht bouwt voor ‘personal use’ niet te voldoen aan deze regelgeving als je het jacht binnen 5 jaar niet verkoopt. Maar het lijkt me slimmer om dus wel volgens de regels de boel in te richten. Inmiddels is de RCD in 2003 weer aangepast.

De Almarine 1700 voldoet qua constructie sowieso al aan de CE Categorie A voor ‘ocean going vessels’ met wind boven 8 Beaufort en golven hoger dan 4 meter (dan vaar ik dus niet uit). De categorie B spreekt mij meer aan: coast/off shore, waarbij je overigens ook dan nog last kunt hebben van 8 Beaufort wind en golven tot 4 meter en ook dan lijkt het me verstandig om maar in de haven te blijven. Maar het idee van coasthoppen is wel de bedoeling, bij rustig en mooi weer hup naar de volgende havenplaats ergens langs de kust van de Middellandse Zee.

De regels. Er zijn eisen over bescherming om niet van boord te vallen, zicht vanaf hoofd stuurpositie, bedieningshandleiding, stabiliteit, vrijboord, drijfvermogen, constructie, maximale belasting, opbergen van reddingsvlot en dat gaat zo maar verder. Onder deze link kun je een RCD samenvatting downloaden van de vele essentiele eisen waaraan een jacht moet voldoen, met verwijzing naar nog veel meer ISO standaarden.

Een groot deel van de regels zijn overigens ook van toepassing op een casco schip.

Hoe je de regels moet interpreteren vindt je in de Application Guide to the amended RCD feb 2008, die is vastgesteld door een RCD ‘experts group’ in 2008.

Een reactie plaatsen